Emotioneel betrokken mantelzorger

Leusder Krant | pagina Voor Elkaar

‘Je moet wel’

Op 50-jarige leeftijd wordt Lenie, de vrouw van Herman Bolder, getroffen door een hersenbloeding en raakt in coma. Hij weet wat het is een emotioneel betrokken mantelzorger te zijn. “Mantelzorger, dat ben je levenslang, je blijft levenspartner, in goede en in slechte tijden.” Op advies van een vriend weten Bolder en zijn dochters met enorm veel inzet (“daar hebben ze in het ziekenhuis geen tijd voor”) Lenie constant te activeren. Met muziek en Tai-Chi, tillen zij haar naar een hoger niveau, waar eerder een leven als kasplantje werd voorzien. Wel zal ze haar leven lang verpleegd moeten worden. Lenie komt elk weekend, vanuit het verpleeghuis in Barneveld, naar huis, ze geniet daar ontzettend van. Herman heeft zijn woning helemaal aangepast, wat veel tijd, energie en geld heeft gekost. Of hij genoeg aan zichzelf toekomt? Herman: “Ik kan dat heel moeilijk, voel me al snel tekort schieten. Fijne, ontspannende dingen doen, dat wil ik samen mét haar.” Eén van de mooiste ervaringen in de afgelopen jaren was een vakantie van De Zonnebloem met de Henri Dunant: “Ik kon na één dag de zorg van Lenie helemaal aan twee vrijwilligers overlaten. Dat was nou eens echt samen vakantie vieren!”

Mantelzorger

Belastend

Herman heeft  een mening over alle instanties waar hij mee te maken heeft (gehad): “Men denkt teveel in problemen en niet in oplossingen.Ik wil geen overdreven dingen, maar ze denken al snel dat je misbruik maakt regelingen, heel vervelend en ook belastend”.

Hans Fontijn kan dit onderschrijven. “Je moet voor jezelf opkomen en bezwaar maken om dingen voor elkaar te krijgen.” Zijn partner Frederike lijdt aan MS. Hij is feitelijk 24 uur per dag mantelzorger. “Het gaat ook om veel kleine dingen: voorlezen, haar opmaken, koffie zetten , koken, dingen oprapen en injecties geven, maar als je het allemaal bij elkaar optelt… Het gaat allemaal als vanzelf, je moet wel.”

Rust pakken

Hans en Frederike zijn helemaal op elkaar ingespeeld, dat is op natuurlijke wijze zo gegroeid. Anderen zouden dat moeilijk kunnen overnemen. Een dagopvang of respijthuis, daar moeten beiden niet aan denken. Frederike: “Zo zie je maar: er bestaat niet zoiets als dé mantelzorger, elke situatie is weer anders. Ik heb trouwens ook geen behoefte aan gezelschappen buitenshuis.” Hans is er zich van bewust dat er altijd een beroep op hem kan worden gedaan, ook als hij iets voor zichzelf doet. Als hij even van huis moet, heeft hij altijd in zijn achterhoofd die enkele keren dat er iets met Frederike was gebeurd en zij op hulp moest wachten. Maar ze heeft tegenwoordig altijd een mobieltje bij de hand en kan dan in geval van nood de buurvrouw een paar huizen verder inschakelen. Zij van haar kant weet hoe belangrijk het is voor Hans om zich voldoende te ontspannen. Ook zal zij altijd zo min mogelijk een beroep op hem doen en stimuleert hem op tijd zijn rust te pakken “Ja, ik moet hem van mijn kant ook een beetje mantelen.”

Bron: Leusder Krant

Reageren is niet mogelijk